Leerlingvolgsysteem

Dit ‘volgen’ van de leerling begint al bij de aanmelding. De leerkracht van de basisschool geeft schriftelijk en ‘mondeling’ ,via de zogenaamde ‘warme overdracht’, relevante gegevens door over de leerling. Dit zijn gegevens over prestaties, werkhouding, werktempo en gedrag. In de brugklas gaan we op basis van deze gegevens verder. De mentoren krijgen aan het begin van het schooljaar een overzicht van de gegevens die voor de begeleiding van belang zijn. In de loop van het schooljaar volgt de mentor de leerling door middel van gesprekken met de ouders, docenten en natuurlijk de leerling zelf.

Naast het sociale aspect van de leerlingen worden de leerlingen ook gevolgd op hun cognitieve vaardigheden. Naast de rapportcijfers worden op verschillende momenten Cito-toetsen afgenomen waarbij de voortgang van de leerlingen gevolgd kan worden. De resultaten van deze Cito-toetsen vormen naast de rapportcijfers en de werkhouding de basis voor de determinatie in leerjaar 2.

De gegevens van de leerlingen worden geplaatst in Magister. Dit digitale leerlingvolgsysteem biedt een overzichtelijke omgeving aan waar docenten, maar ook ouders, inzage hebben in de gegevens van de leerling.